Teambuilding en groepsvorming op school: activiteiten en praktische tips
Een nieuwe klas, leerlingen die elkaar nog nauwelijks kennen of een groep waarin iedereen inmiddels zijn eigen plek heeft gevonden.
In al deze situaties speelt groepsvorming een belangrijke rol.
Een goede groep ontstaat namelijk niet alleen doordat leerlingen toevallig bij elkaar in dezelfde klas zitten. Leerlingen moeten elkaar leren kennen, ontdekken hoe ze samenwerken en ervaren welke rol zij zelf binnen een groep innemen.
Een gezamenlijke activiteit kan daarbij helpen.
Maar niet iedere leuke activiteit is automatisch goede teambuilding.
Voor groepsvorming is vooral belangrijk wat leerlingen tijdens de activiteit met elkaar moeten doen.
Wat is groepsvorming op school?
Groepsvorming is het proces waarbij losse leerlingen samen een groep worden.
Leerlingen leren elkaar kennen, zoeken hun positie binnen de klas en ontwikkelen – bewust en onbewust – afspraken over hoe ze met elkaar omgaan.
Dat proces speelt sterk aan het begin van een schooljaar, maar houdt daarna niet ineens op.
Een nieuwe leerling, een conflict, een vakantie, een verandering van docent of simpelweg de ontwikkeling van leerlingen zelf kan de dynamiek binnen een klas opnieuw veranderen.
Stichting School & Veiligheid adviseert daarom om groepsvorming als een doorlopend proces te zien en niet alleen als iets voor de eerste weken van het schooljaar.
Wat is het verschil tussen groepsvorming en teambuilding?
De termen worden vaak door elkaar gebruikt, maar er zit wat ons betreft een nuttig verschil tussen.
Groepsvorming is het bredere proces dat voortdurend binnen een klas plaatsvindt.
Teambuilding bestaat uit activiteiten waarmee je bewust probeert samenwerking, onderling contact en het groepsgevoel te stimuleren.
Een teambuildingsactiviteit kan dus onderdeel zijn van groepsvorming.
Maar één activiteit vormt niet ineens een hechte klas.
Dat onderscheid vinden we belangrijk, omdat scholen soms verwachten dat één workshop bestaande spanningen of problemen binnen een groep kan oplossen.
Dat is meestal niet realistisch.
Een goede activiteit kan leerlingen wél in een andere situatie bij elkaar brengen en daarmee een waardevolle bijdrage leveren aan het groepsproces.
Wanneer is teambuilding op school interessant?
Het meest voor de hand liggende moment is natuurlijk het begin van een nieuw schooljaar.
Leerlingen kennen elkaar nog niet of komen vanuit verschillende groepen en scholen bij elkaar. Een gezamenlijke activiteit kan dan helpen om het eerste contact gemakkelijker te maken.
Daarom worden groepsvormende activiteiten veel gebruikt tijdens een introductiedag of introductieweek.
Maar ook later in het schooljaar kan teambuilding interessant zijn.
Bijvoorbeeld:
- na een vakantie;
- wanneer de samenstelling van een klas verandert;
- tijdens een projectweek;
- bij een nieuwe mentor of docent;
- wanneer leerlingen vooral binnen vaste vriendengroepjes blijven;
- als onderdeel van burgerschap;
- of gewoon om leerlingen eens op een andere manier met elkaar te laten samenwerken.
De bekende Gouden Weken aan het begin van het schooljaar zijn dus belangrijk, maar groepsvorming stopt daar niet. Stichting School & Veiligheid noemt bijvoorbeeld ook de periode na de kerstvakantie als logisch moment om opnieuw aandacht te besteden aan de groep.
Een leuke activiteit is niet automatisch teambuilding
Dit is misschien wel het belangrijkste uitgangspunt van deze pagina.
Stel dat een klas een creatieve workshop volgt waarbij iedere leerling individueel een eigen kunstwerk maakt.
Dat kan een fantastische workshop zijn.
Maar leerlingen hoeven daarvoor nauwelijks met elkaar samen te werken.
Als het doel groepsvorming is, kun je dezelfde activiteit soms anders inrichten.
Laat leerlingen bijvoorbeeld samen één ontwerp bedenken, taken verdelen of verschillende onderdelen maken die uiteindelijk één gezamenlijk resultaat vormen.
De workshop is dan misschien hetzelfde.
De opdracht is anders.
En juist die opdracht bepaalt voor een groot deel hoeveel samenwerking er daadwerkelijk ontstaat.
Wat maakt een activiteit geschikt voor groepsvorming?
Een goede groepsvormende activiteit hoeft niet ingewikkeld te zijn.
Belangrijker is dat leerlingen iets met elkaar moeten doen.
Denk aan:
- overleggen;
- luisteren;
- ideeën combineren;
- rollen verdelen;
- elkaar helpen;
- gezamenlijk beslissingen nemen;
- samen iets maken;
- samen oefenen;
- of gezamenlijk naar een eindresultaat werken.
Daarbij hoeft samenwerking niet voortdurend expliciet benoemd te worden.
Soms werkt het juist natuurlijker wanneer leerlingen simpelweg een opdracht krijgen die ze onmogelijk helemaal alleen kunnen uitvoeren.
Samenwerken zonder dat het geforceerd voelt
“Vandaag gaan we leren samenwerken.”
Dat kan natuurlijk.
Maar het hoeft niet altijd zo nadrukkelijk.
Bij een goede groepsopdracht ontstaat samenwerking vaak vanzelf omdat leerlingen elkaar nodig hebben.
Bijvoorbeeld bij het maken van een film.
De één filmt, een ander acteert, iemand bewaakt het verhaal en weer een andere leerling denkt na over locaties of montage.
Of bij een gezamenlijke muzikale activiteit waarbij leerlingen verschillende ritmes moeten combineren.
Samenwerking wordt dan geen theoretisch onderwerp.
Het is nodig om de opdracht te laten slagen.
Dat vinden wij vaak een krachtigere vorm van teambuilding.
Welke workshops zijn geschikt voor teambuilding op school?
Veel verschillende workshops kunnen geschikt zijn voor groepsvorming, zolang de werkvorm en opdracht daarop worden afgestemd.
Muziek en ritme
Muzikale activiteiten lenen zich goed voor samenwerking omdat leerlingen letterlijk naar elkaar moeten luisteren.
Bij Percussie of Streetbeats kan een groep bijvoorbeeld verschillende ritmes combineren tot één geheel.
Bij muziekproductie kunnen leerlingen samen keuzes maken over beat, geluiden, structuur en presentatie.
Iedereen hoeft daarbij niet hetzelfde te kunnen.
Juist verschillende rollen kunnen bijdragen aan het gezamenlijke resultaat.
Film en multimedia
Filmactiviteiten zijn interessant omdat er vanzelf verschillende taken ontstaan.
Bij Stop Motion, Green Screen of Vloggen heb je bijvoorbeeld ideeën, techniek, presentatie, acteren, regie en organisatie nodig.
Dat maakt het mogelijk dat leerlingen met verschillende kwaliteiten toch aan hetzelfde eindresultaat bijdragen.
Dans en beweging
Bij dans draait samenwerking niet alleen om praten.
Leerlingen moeten naar elkaar kijken, rekening houden met tempo en ruimte en gezamenlijk bewegingen uitvoeren.
Bijvoorbeeld bij Hiphop, Streetdance, Popping of een gezamenlijke choreografie.
Voor sommige groepen kan juist dat fysieke element helpen om sneller los te komen.
Creatieve en beeldende activiteiten
Ook beeldende workshops kunnen groepsvormend worden ingericht.
Niet wanneer iedereen uitsluitend individueel aan zijn eigen werkstuk werkt, maar bijvoorbeeld wel wanneer leerlingen gezamenlijk een concept bedenken of verschillende onderdelen uiteindelijk één geheel vormen.
De opdracht bepaalt dus opnieuw hoeveel samenwerking ontstaat.
Actieve workshops
Bij actieve workshops zoals Movie Fighting, Archery Tag of andere fysieke activiteiten spelen samenwerken, communiceren en rekening houden met elkaar vanzelf een rol.
Daarbij is wel belangrijk dat competitie niet het enige doel wordt.
Een activiteit waarbij uiteindelijk alleen wordt bepaald wie de beste of snelste is, kan heel leuk zijn, maar draagt niet automatisch bij aan een sterker groepsgevoel.
Moet teambuilding altijd zonder competitie?
Nee.
Competitie kan juist veel energie en plezier opleveren.
Het probleem ontstaat vooral wanneer een activiteit uitsluitend draait om winnen en verliezen.
Bij groepsvorming is het interessanter wanneer leerlingen ook binnen hun team afhankelijk van elkaar zijn.
Een wedstrijdvorm kan dus prima werken, zolang samenwerking belangrijker blijft dan individuele prestaties.
Ook hier geldt: kijk naar het doel van de dag.
Wil je vooral plezier en energie? Dan kan competitie uitstekend passen.
Wil je leerlingen bewust met verschillende klasgenoten laten samenwerken? Dan moet de werkvorm daarvoor ruimte creëren.
Laat leerlingen niet altijd zelf hun groepjes kiezen
Dit is een praktische keuze die veel invloed kan hebben.
Wanneer leerlingen zelf groepjes mogen vormen, gebeurt meestal iets voorspelbaars:
vrienden zoeken vrienden op.
Dat voelt veilig en werkt soms prima.
Maar als het doel juist is om leerlingen buiten hun bestaande groepje met anderen in contact te brengen, schiet je daarmee een deel van het doel voorbij.
Dan kan het beter zijn om groepen vooraf in te delen of willekeurig samen te stellen.
Daarbij hoeft een docent niet bewust alle vriendengroepen uit elkaar te trekken.
Het gaat er vooral om dat leerlingen af en toe samenwerken met iemand die ze normaal niet automatisch zouden kiezen.
Teambuilding in het basisonderwijs
In het basisonderwijs kan groepsvorming heel speels worden aangepakt.
Voor jonge kinderen werken duidelijke, korte opdrachten meestal beter dan ingewikkelde samenwerkingsconstructies.
Samen bewegen, ritmes maken, iets bouwen of gezamenlijk een eenvoudig resultaat creëren kan al voldoende zijn.
Bij oudere basisschoolleerlingen kun je meer verantwoordelijkheid bij de groep leggen.
Laat ze bijvoorbeeld zelf rollen verdelen, keuzes maken en gezamenlijk oplossingen bedenken.
Belangrijk is dat de opdracht past bij de leeftijd.
Een samenwerkingsoefening werkt alleen wanneer kinderen begrijpen wat er van hen verwacht wordt.
Teambuilding in het voortgezet onderwijs
Bij jongeren in het voortgezet onderwijs ligt een andere uitdaging.
Zij zijn zich vaak sterker bewust van hun positie binnen de groep.
Sommige leerlingen vinden een activiteit meteen leuk, terwijl anderen vooral niet willen opvallen.
Te geforceerde kennismakingsspelletjes kunnen dan juist weerstand oproepen.
Daarom werken activiteiten waarbij leerlingen samen iets doen of maken vaak prettig.
Het eerste doel hoeft niet te zijn dat iedereen persoonlijke informatie met elkaar deelt.
Samen een beat, filmpje, choreografie of andere opdracht maken geeft leerlingen een concrete reden om contact te hebben.
Het gesprek ontstaat vervolgens vaak vanzelf.
Teambuilding met een nieuwe klas
Bij een volledig nieuwe klas ligt de nadruk vaak op kennismaken.
Wie zijn de andere leerlingen?
Met wie kan ik goed samenwerken?
Wie neemt initiatief?
Wie heeft humor?
Wie luistert goed?
Een gezamenlijke activiteit kan leerlingen sneller verschillende kanten van elkaar laten zien dan wanneer ze alleen naast elkaar in een lokaal zitten.
Daarom past teambuilding goed binnen een introductiedag.
Maar voorkom dat een introductiedag bestaat uit tien losse kennismakingsspelletjes achter elkaar.
Leerlingen hoeven niet voortdurend te vertellen wie ze zijn.
Samen iets beleven is óók kennismaken.
Wat als er al problemen binnen een klas zijn?
Hier moeten scholen voorzichtig mee omgaan.
Een workshop is geen interventie voor ernstige pestproblematiek, structurele uitsluiting of een sociaal onveilige klas.
In zo'n situatie is meer nodig dan een leuke gezamenlijke activiteit.
De docent, mentor en school hebben daarin een veel bredere verantwoordelijkheid. Stichting School & Veiligheid benadrukt eveneens de rol van leraren bij het bewaken van positieve groepsnormen, het signaleren van problemen en het werken aan sociale veiligheid.
Een workshop kan soms onderdeel zijn van een breder traject.
Maar wij zouden nooit beloven:
“Na deze workshop functioneert de klas weer goed.”
Dat is niet realistisch.
Groepsvorming en burgerschap
Groepsvorming raakt ook aan burgerschap.
Leerlingen oefenen binnen een groep immers voortdurend met luisteren, omgaan met verschillen, afspraken maken, verantwoordelijkheid nemen en rekening houden met anderen.
Maar net als bij onze pagina over burgerschapsactiviteiten geldt:
een workshop is niet automatisch burgerschapsonderwijs.
De koppeling wordt sterker wanneer de school bewust nadenkt over het doel van de activiteit en er eventueel voor- of achteraf op reflecteert.
Wat gebeurde er tijdens de samenwerking?
Wie nam welke rol?
Hoe werden beslissingen genomen?
Wat gebeurde er wanneer leerlingen het niet met elkaar eens waren?
Zo kan een praktische activiteit aanleiding geven tot een breder gesprek.
De rol van de docent bij groepsvorming
Een externe workshopleider ziet een klas maar kort.
De docent of mentor kent de leerlingen en de groepsdynamiek veel beter.
Daarom is de docent bij groepsvormende activiteiten belangrijk.
Niet om voortdurend de workshop over te nemen, maar wel om te observeren.
Wie zoekt wie op?
Wie neemt automatisch de leiding?
Welke leerling blijft op de achtergrond?
Wie luistert?
Wie probeert verschillende ideeën bij elkaar te brengen?
Wie wordt nauwelijks betrokken?
Dat soort observaties kunnen waardevol zijn voor het verdere groepsproces.
Het NJi benadrukt eveneens dat groepsvorming onderdeel is van een breder pedagogisch klimaat en noemt samenwerking tussen collega's, introductieweken en groepsopdrachten als praktische mogelijkheden.
Teambuilding is geen eenmalig moment
Een fantastische introductiedag kan een geweldige start geven.
Maar daarna begint het gewone schooljaar.
Daarom heeft groepsvorming vooral effect wanneer een gezamenlijke activiteit niet volledig op zichzelf staat.
Een docent kan later bijvoorbeeld teruggrijpen op wat tijdens een activiteit gebeurde:
“Hoe hebben jullie dat toen opgelost?”
Of opnieuw groepjes anders indelen.
Of leerlingen regelmatig gezamenlijk aan korte opdrachten laten werken.
Zo wordt een workshop of introductiedag geen los moment, maar onderdeel van een langer proces.
Wat wij in ruim twintig jaar workshops op scholen hebben geleerd over groepsvorming
Sinds 2004 werken we dagelijks met groepen leerlingen. Daarbij zien we heel verschillende klassen: nieuwe groepen die elkaar nauwelijks kennen, hechte klassen, drukke groepen, stille groepen en klassen waarin de onderlinge verhoudingen al volledig lijken vast te liggen.
Een aantal dingen valt daarbij steeds opnieuw op.
1. Samen iets dóén werkt vaak beter dan praten over samenwerken
Leerlingen hoeven niet eerst uitgebreid uit te leggen wat samenwerking voor hen betekent.
Geef ze een goede gezamenlijke opdracht en je ziet samenwerking vanzelf ontstaan.
2. De opdracht is belangrijker dan de naam van de workshop
Bijna iedere workshop kan individueel of juist gezamenlijk worden ingericht.
Vraag daarom niet alleen:
“Welke workshop is leuk voor teambuilding?”
maar vooral:
“Wat moeten leerlingen tijdens die workshop met elkaar doen?”
Dat is een veel belangrijkere vraag.
3. Vaste vriendengroepjes zijn comfortabel, maar niet altijd handig
Wanneer leerlingen altijd zelf hun groep mogen kiezen, blijven bestaande sociale structuren gemakkelijk intact.
Af en toe andere combinaties maken kan verrassend goed werken.
4. Niet iedereen hoeft dezelfde rol te hebben
Samenwerking betekent niet dat iedere leerling exact hetzelfde moet doen.
De één kan goed presenteren, een ander organiseren, een derde technisch werken en iemand anders ideeën bedenken.
Een gezamenlijke opdracht wordt vaak juist sterker wanneer verschillende kwaliteiten nodig zijn.
5. Een gezamenlijke mislukking kan óók verbinden
Niet alles hoeft meteen goed te gaan.
Een ritme dat volledig uit elkaar valt, een opname die opnieuw moet of een scène die iedereen aan het lachen maakt kan juist een gezamenlijk moment opleveren.
Humor is soms een bijzonder effectieve groepsvormer.
6. Forceer persoonlijk contact niet
Vooral bij oudere leerlingen hoeft teambuilding niet te betekenen dat iedereen onmiddellijk persoonlijke verhalen moet delen.
Samen iets doen kan een veel natuurlijkere eerste stap zijn.
7. Een workshop kan iets zichtbaar maken, maar lost geen groepsproblemen op
Dit is misschien wel onze belangrijkste praktijkles.
Een activiteit kan leerlingen op een andere manier laten samenwerken en een docent nieuwe dingen laten zien.
Maar structurele problemen binnen een klas vragen structurele aandacht.
Veelgestelde vragen over teambuilding en groepsvorming op school
Wat is groepsvorming op school?
Groepsvorming is het proces waarbij leerlingen binnen een klas onderlinge relaties, rollen, gewoonten en groepsnormen ontwikkelen. Dit begint sterk aan het begin van een schooljaar, maar verandert gedurende het hele jaar.
Wat is teambuilding op school?
Teambuilding bestaat uit activiteiten waarmee bewust wordt gewerkt aan onderling contact, samenwerking en het groepsgevoel. Teambuilding kan daarmee onderdeel zijn van het bredere proces van groepsvorming.
Welke activiteiten zijn geschikt voor teambuilding op school?
Activiteiten waarbij leerlingen elkaar nodig hebben werken vaak goed. Denk aan gezamenlijke muziek-, film-, dans-, creatieve of actieve opdrachten waarbij leerlingen moeten overleggen, taken verdelen en samenwerken aan een resultaat.
Wanneer kun je het beste aan groepsvorming werken?
Het begin van het schooljaar is een belangrijk moment, maar groepsvorming gaat het hele jaar door. Ook na vakanties, veranderingen in de klas of op andere momenten kan het zinvol zijn opnieuw aandacht aan de groep te besteden.
Moeten leerlingen zelf groepjes kiezen?
Dat hangt af van het doel. Voor plezier en comfort kan zelf kiezen prima zijn. Wanneer leerlingen juist met andere klasgenoten in contact moeten komen, kan de docent beter zelf groepen samenstellen of leerlingen willekeurig verdelen.
Is competitie geschikt voor teambuilding?
Ja, zolang winnen niet het enige doel is. Een wedstrijdvorm kan veel energie opleveren, maar voor groepsvorming is het belangrijk dat leerlingen binnen hun team daadwerkelijk moeten samenwerken.
Kan een workshop problemen in een klas oplossen?
Een workshop kan bijdragen aan contact en samenwerking, maar is geen oplossing voor structurele conflicten, pestproblematiek of sociale onveiligheid. Daarvoor is langduriger begeleiding vanuit de school nodig.
Wat is een goede teambuildingsactiviteit voor een nieuwe klas?
Een activiteit waarbij leerlingen in kleine, wisselende groepen samen iets moeten maken of uitvoeren werkt vaak goed. Het contact ontstaat dan vanuit de opdracht en voelt minder geforceerd dan een reeks persoonlijke kennismakingsvragen.
Wat is de rol van de docent tijdens een teambuildingsactiviteit?
De docent kan vooral observeren hoe leerlingen samenwerken, welke rollen ontstaan en wie wel of niet gemakkelijk aansluiting vindt. Die informatie kan later waardevol zijn in de begeleiding van de groep.
Samenvatting: goede teambuilding draait om wat leerlingen samen doen
Een leuke workshop is niet automatisch een goede teambuildingsactiviteit.
Het verschil zit vaak in de opdracht.
Moeten leerlingen overleggen, luisteren, rollen verdelen, elkaar helpen en gezamenlijk naar een resultaat werken? Dan ontstaat vanzelf een situatie waarin leerlingen elkaar op een andere manier leren kennen.
Dat kan uitstekend tijdens een introductiedag, cultuurdag, projectweek of losse activiteit.
Maar groepsvorming stopt niet wanneer de workshop afgelopen is.
Een activiteit kan een startpunt, impuls of gezamenlijk moment zijn.
De echte groepsvorming vindt gedurende het hele schooljaar plaats.
Teambuilding of groepsvorming op jullie school?
4XM Workshops organiseert sinds 2004 creatieve, muzikale, actieve en multimediale workshops voor scholen in Nederland en België.
We kunnen daarbij niet beloven dat één workshop van een klas een perfect team maakt.
Wat we wél kunnen doen, is meedenken over activiteiten en opdrachten waarbij leerlingen daadwerkelijk met elkaar aan de slag gaan.
Dat kan als onderdeel van een introductiedag, cultuurdag, projectweek, burgerschapsprogramma of als losse groepsactiviteit.
Vertel ons om welke leerlingen het gaat, wat jullie met de activiteit willen bereiken en hoeveel tijd beschikbaar is. Dan kunnen we meedenken over een passende invulling.
Want goede teambuilding begint niet met vertellen dat leerlingen moeten samenwerken, maar met ze een reden geven om dat daadwerkelijk te doen.



25 ideeën voor een succesvolle cultuurdag op school